Identiteit van de vrijeschool

Vrije school De Zonnewende staat niet op zichzelf. Zij is een loot aan de wereldwijd vertakte stam van vrijescholen, waarvan de eerste in 1919 in Duitsland (Stuttgart) werd opgericht. Die schoolbeweging strekt zich inmiddels uit van Japan tot Hawaï en van Zweden tot Zuid- Afrika. De Zutphense vrijescholen ontstonden in 1956, drieëndertig jaar na de opening van de eerste Nederlandse vrijeschool in den Haag.

De bron van de vrijescholen ligt in het gedachtengoed van Rudolf Steiner (1861-1925). Zijn pedagogische en didactische aanwijzingen –die zijn gegeven in de jaren rondom de opening van de eerste vrijeschool in Stuttgart- beslaan een breed spectrum van het basis- en voortgezet onderwijs. Steiner formuleerde zijn aanwijzingen vrij algemeen en spoorde leraren aan die voor hun eigen situatie in te vullen en aan te passen. Het onderwijs van de hedendaagse vrijescholen laat daarom een weloverwogen combinatie zien van traditionele en eigentijdse elementen.

Het proces van ontwikkeling en vernieuwing van het Nederlandse vrijeschoolonderwijs is de laatste jaren in een stroomversnelling geraakt. Een belangrijke factor daarbij vormt de veelheid aan overheidsplannen, rond het onderwijs in het algemeen en specifiek rond vrijescholen. Onze school ziet in deze veranderingen een uitdaging om de eigen identiteit verder te profileren en te intensiveren.

Natuurlijk is onze school ook een ‘gewone’ school met leer- en ontwikkelingsmogelijkheden. Met regels en vrijheid. Met goede, fijne en minder leuke momenten. Met leraren die ook wel eens een slecht humeur hebben. En met leerlingen die af en toe te laat komen. Tegelijkertijd is het ook een heel bijzondere school. Met onderwijs aan kleuters tot 12-jarigen. Met lessen die in periodes worden gegeven. Met klassenleerkrachten die drie jaar met een klas –hún klas- meegaan. Met leerlingen die
niet blijven zitten en die deels hun eigen leermateriaal maken. En met veel ruimte voor kunstzinnige vakken. Toch is het zeker zo dat kinderen- na een iets langzamere cognitieve start- aan het eind van de derde klas gelijk lopen met het reguliere onderwijs. Na de 6e klas gaan veel kinderen naar de Vrije school Zutphen Voortgezet Onderwijs. Aansluiting op het regulier voortgezet onderwijs, zoals het Stedelijk Dalton-, het Baudartius- of het Isendoorn College is ook goed mogelijk.

Wij maken bewuste keuzes. Over hoe het onderwijs er uit moet zien, over wat we belangrijk vinden in mensen en opvoeding. Ieder mens is voor ons een volstrekt uniek individu. De school mag en moet er aan meewerken om het unieke dat ieder mens in zich draagt naar boven te halen en te laten uitgroeien. Ieder kind krijgt bij ons de kans om zich in een gezonde sociale omgeving emotioneel, cognitief, moreel, creatief en fysiek te ontwikkelen.

Van klas één tot en met zes wordt veel van de stof gepresenteerd als ‘ontwikkelingsstof’. Dit betekent dat de leerinhoud past bij de leeftijd van het kind. Zo komen bijvoorbeeld in de tweede klas de fabels en legenden aan de orde. In klas drie vertellen we de verhalen uit het Oude Testament om cultuurthema's centraal te stellen zoals: als het loslaten van oude gebruiken en de gehoorzaamheid aan de zelfgekozen nieuwe gemeenschap.

De vakken en de manier waarop we ze geven gaan uit van de mens in al haar facetten. Naast de cognitieve vakken en algemene ontwikkeling krijgen de leerlingen in alle jaren kunstzinnige vakken en handvaardigheid. Daarbij horen onder andere: muziek, toneel, schilderen, handwerken, houtbewerking en vormtekenen.

 

> Naar korte versie tekst...

Recente foto's

maak kennis